9.jpg

Onze missie

Vlaanderen hoort tot de meest welvarende regio’s van de wereld. Desondanks winnen de principes van eigen volk eerst & korte termijn denken steeds meer veld, ook in Beersel. Groen! Beersel werkt aan een andere wereld. Groen! wil voor alle Beerselaars een warm en duurzaam beleid voeren waarin de uitbouw van een solidair en gastvrij gemeenschapsleven in een groene en landelijke gemeente centraal staat. We streven naar een gezonde symbiose tussen landbouw en natuur, tussen verblijven en werken, met het oog op een aangenaam en kwalitatief woonklimaat voor al onze inwoners. In deze visie staan het verenigingsleven en respect voor wat overblijft aan natuur centraal.

Beersel heeft een eeuwenoude Vlaamse traditie. Logisch dus dat eenieder die wil participeren in ons sociaal weefsel ook Nederlands spreekt. Veel inwoners van Beersel staan open voor de wereld om ons heen. Groen! Beersel rekent op dezelfde hoffelijke houding van iedereen die hier komt wonen. Het (leren) spreken van het Nederlands als onze gemeenschappelijke taal is hierbij de belangrijkste uitdaging.

Groen! Beersel

Leefmilieu

Leefmilieu en Natuurontwikkeling

Als leidmotief kunnen wij hier vooropstellen dat we het landelijk karakter en de groene ruimten in onze gemeente maximaal dienen te behouden. Meer nog, we dienen een duurzaam beleid te voeren waarbij het milieu erop vooruit gaat en de natuurwaarde van onze groene ruimtes toeneemt. Krachtens het natuurdecreet heeft de gemeente een algemene natuurzorgplicht. Natuurbescherming dient dus steeds mee in overweging genomen bij beslissingen inzake milieu- en bouwvergunningen, openbare werken, waterbeleid, …. De verbetering van de milieukwaliteit van lucht, water en bodem verdient eveneens onze permanente aandacht. Inzake milieuovertredingen zal een consequent ontradingsbeleid gevoerd worden, dat gekoppeld is aan een handhavingsbeleid.

Aandachtspunten zijn:

  • Gemeentelijk Natuur Ontwikkelingsplan (GNOP): Het GNOP heeft zijn degelijkheid bewezen en wordt verder uitgevoerd. Dit gebeurt door een strikte opvolging van heraanplantingen, het knotwilgenproject, haagplantacties het onderhoud van holle wegen, en een verfijning van het bermbeheersplan. Het pesticiden reductieplan wordt verder uitgevoerd in de voorziene fasen en termijnen (totaalverbod qua gebruik van pesticiden is voorzien tegen 2015);
  • Afvalpreventie en afvalbeheer: inzake het beheer van het afval zullen wij een hiërarchische aanpak blijven ontwikkelen met achtereenvolgens aandacht voor preventie, hergebruik, recyclage en verwerking door verbranden of storten. De dienst leefmilieu zal hiervoor het principe van de “ladder van Lansink” toepassen. De middelen die hiervoor in aanmerking komen zijn ondermeer : stimuleren van thuiscompostering, ondersteuning van compostmeesterwerking, actieve samenwerking met en promotie van kringloopcentra, en afvalbeheer in de gemeentelijke diensten;
  • huisvuilbelasting: de verwerking van huishoudelijk afval (huisvuil) is niet alleen schadelijk voor het milieu maar kost ook handenvol geld. We gaan uit van het principe “de vervuiler betaalt”.
    Ideaal zou zijn dat enkel de vervuiler betaalt en de gemeenschap geen supplementaire kost moet dragen. Om evenwel sluikstorten te vermijden zoeken we naar een evenwicht waarbij de prijs van een vuilniszak aanvaardbaar blijft. Indien het DIFTAR systeem (waarvan de organisatie bovengemeentelijk en intergemeentelijk gebeurt) ingevoerd wordt, zal de gemeente de volle medewerking verlenen aan de verlaging van het restafval. Het DIFTAR systeem heeft immers als objectief de inwoners financieel verantwoordelijk te maken voor het restafval ze op die wijze te stimuleren mee de afvalberg te helpen verminderen. In de praktijk zal dat gebeuren door het wegen en aanrekenen van de reële restfractie per wooneenheid. Indien dit systeem een positief resultaat oplevert zal de forfaitaire huisvuilbelasting herzien worden.
    Om het sorteren/recycleren van afval aan te moedigen wil het Gemeentebestuur het eerste bezoek van de maand aan het containerpark voor particuliere gebruikers op termijn terug gratis maken.
    Een degelijk afvalbeleid moet sluikstorten verder helpen voorkomen. Daarenboven wordt sluikstorten via sensibilisering ontraden. Het sanctioneringbeleid ten aanzien van sluikstorters wordt onverminderd voorgezet en zal uitgebreid worden met het instrument van de administratieve sanctie;
  • geluidshinder: conform de milieuwetgeving en het gemeentelijke politiereglement, willen wij geluidsoverlast indijken, bestrijden en sanctioneren;
  • hernieuwbare energie in Beersel: In Beersel worden een aantal mogelijkheden om rendabel hernieuwbare energie te winnen onderzocht.
    Er zijn op dit ogenblik drie denkpistes:
    • Onderzoek naar de mogelijkheid windkrachtturbines op te stellen langs het kanaal Brussel-Charleroi.
    • Onderzoek naar het aanwenden van het waterverval in de sluis van Lot voor het opwekken van elektrische energie.
    • Onderzoek naar elektriciteitsopwekking in het Molenbeekdal. Het verval en het debiet van de Molenbeek kunnen potentieel via kleinschalige en milieuvriendelijke en waterkrachtcentrales elektriciteit leveren voor meerdere tientallen gezinnen. Het gemeentebestuur wil de eigenaars, de verschillende overheden en de betrokken intercommunales uitnodigen, om in overleg met experts na te gaan of een aantal kleinschalige waterkrachtcentrales realiseerbaar zijn in onze gemeente.

Tenslotte zal de individuele installatie van zonnepanelen bij de inwoner aangemoedigd worden door reeds bestaande subsidiëringen van hogere overheden beter kenbaar te maken;

  • natuurontwikkelingsproject Meigemheide: onze gemeente is gezegend met een centrale groene long die loopt van het Dwersbos in Beersel tot het Domein van Huizingen en ook het Gasthuisbos en het Begijnenbos omvat. De gemeente Beersel wil de natuur- en landschappelijke waarde van het ganse gebied veilig stellen voor de komende generaties door een globale aanpak waarbij bewarende maatregelen gepaard gaan met natuurbevorderende ingrepen. Daarom wil het gemeentebestuur de drijvende kracht worden achter een natuurontwikkelingsproject en stiltegebied waarbij we in het gebied de symbiose kunnen realiseren tussen meer natuur, landbouw en zachte recreatie met overnachtingsmogelijkheid en respect voor de mensen die er wonen.
    Communicatie, sensibilisatie en participatie liggen aan de basis van het succes van een dergelijk project. Daarom wil het gemeentebestuur de bewoners van het gebied, de betrokken landbouwers, de natuur- en milieuverenigingen en de betrokken overheidsdiensten bij elkaar brengen om het lokaal draagvlak, de mogelijkheden en de grenzen van zo'n natuurontwikkelingsproject te toetsen;
  • Kleine Landschapselementen (KLE's): kleine landschapselementen zoals wegbermen, holle wegen, bosjes, sloten en poelen zijn die kleine stukjes natuur die in onze dagelijkse leefomgeving belangrijk zijn. Veel dieren gebruiken deze landschapselementen als permanente verblijfplaats, als voedsel- of voortplantingsgebied, als toevluchtsoord of overwinteringgebied. Planten vinden er een geschikte standplaats. Kleine landschapselementen zijn eveneens ontzettend belangrijk als verbindingsweg waarlangs vele planten en dieren op zoek gaan naar nieuwe leefgebieden. Daarom vormen deze elementen best een ononderbroken netwerk.
    Ook holle wegen herbergen, wanneer ze goed beheerd worden, een schat aan fauna en flora. Het typische profiel van de holle weg schept immers een grote variatie aan levensomstandigheden (habitat). Holle wegen behoren bovendien onmiskenbaar tot het cultuurpatrimonium van onze gemeente. In het beheer van de holle wegen speelt het Regionaal Landschap Zenne, Zuun en Zoniën nu al een belangrijke rol. Ook dorpskommen, privé-tuinen en oude afsluitingsmuren komen in aanmerking voor een aangepaste groenaanplanting;
  • biodiversiteit in onze gemeente: ook buiten onze natuurgebieden komt nog natuur voor. Verschillende vaak zeldzame of kwetsbare soorten zoals muurplanten, vleermuizen en zwaluwen kunnen we niet beschermen door het oprichten van natuurgebieden alleen. Deze planten en dieren zijn de mens gevolgd en kunnen enkel overleven dankzij de gratie van hun omgeving of hun gastgezin. Het gemeentebestuur wil mensen en vrijwilligersgroepen verder steunen om deze soorten te helpen. Acties rond vleermuizen, steenuil, kerkuil, zwaluwen, bermflora of amfibieën behoren allemaal tot de mogelijkheden. De lokale natuurverenigingen en Het Regionaal Landschap Zenne, Zuun en Zoniën zijn in deze onze natuurlijke partners.

 

Hoofdmenu

Beleidsplan

Actueel

Navigatie

Bookmark ons

 
 

Uit in Beersel

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van onze laatste nieuwtjes!
Inhoud syndiceren

Recente blog-inzendingen

Nieuws uit Beersel

Regionaal nieuws

De kranten